Focaccia met tomaten en zwarte olijven

01/05/2015 Reageer

Focaccia: een zeer gesmaakte Italiaanse broodvariant. Hij ziet eruit als een dikke pizza, heeft een heerlijk krokante, gezouten bovenlaag en een zacht kruim. Dit plat brood komt uit Ligurië, de streek rond Genua, maar wordt tegenwoordig in heel Italië bereid. Focaccia werd oorspronkelijk op de ‘focus’, het Latijnse woord voor ‘haard’, gebakken. Maar wees gerust : ook in een gewone oven mag het resultaat er zijn.

Ziehier het recept van een lekkere focacciaversie met zongedroogde tomaatjes en zwarte olijven. Wij serveren dit brood gewoonlijk in repen gesneden op een houten, met bakpapier belegde plank.
Wij eten het graag als hapje, gecombineerd met dunne sneetjes mortadella (die eventueel rond de repen kunnen gewikkeld worden), zwarte olijfjes of tomaatjes en een Italiaans wijntje.
Het kan natuurlijk ook deel uitmaken van een lichte lunch, samen met olijfjes, tomaatjes, rucola, fijne Italiaanse charcuterie of kazen zoals buffelmozzarella…
In elk geval : laat het je smaken !
Tip : eet focaccia liefst de dag zelf ; dan is de korst lekker knapperig. Je kan de rest eventueel invriezen en dan diepgevroren tien minuten in een oven van 150° opwarmen.

Ingrediënten 

  • 450 g tarwebloem (of 00-bloem)
  • 5 g zout
  • 75 g zongedroogde tomaatjes, uitgelekt en in stukjes geknipt
  • 60 g zwarte olijven, ontpit en in fijne reepjes gesneden
  • 30 g verse gist (op kamertemperatuur)
  • 3 el extra vergine olijfolie
  • 2 dl lauwwarm water (niet heet!)
  • grof zeezout
  • bakpapier of vetstof voor bakplaat

Bereiding

  • Vermeng in een grote kom de gezeefde bloem met het zout                        
  • Meng er de zongedroogde tomaatjes en olijven onder
  • Maak in het midden een kuiltje en verkruimel de gist erboven
  • Giet er de olijfolie bij en wrijf alles met de vingers door elkaar
  • Voeg geleidelijk aan het lauwwarme water toe en meng alles met de hand goed dooreen tot het deeg zacht kneedbaar is
  • Stort het deeg op een met bloem bestoven werkvlak en kneed het gedurende 5 min. goed door tot het mooi glad en elastisch is. Als het deeg te vochtig is, voeg dan nog een beetje bloem toe of wrijf je handen in met wat extra bloem
  • Maak er een soepele bal van en leg die in een lichtjes met olijfolie ingevette kom. Dek de kom af met plasticfolie of een theedoek en laat het deeg op een warme, tochtvrije plek rijzen tot het in volume verdubbeld is (1 à 1,5 uur)
  • Sla het deeg nog eens kort door op een met bloem bestoven werkvlak
  • Rol het met een deegrol uit tot een ovaal van ca. 1,5 cm dikte
  • Leg het op een met bakpapier beklede (of ingevette en met bloem bestoven) bakplaat
  • Dek het af met plasticfolie of een theedoek en laat het rijzen tot het volume opnieuw verdubbeld is (ca 30 min.)
  • Maak met de vingertoppen deuken in het oppervlak, besprenkel het royaal met olijfolie en bestrooi het met wat grof zeezout
  • Laat het geheel nog 10 minuten rusten
  • Bak de focaccia 20 à 25 min. in een oven van 200°; de bovenkant moet er goudbruin uitzien  
  • Haal de focaccia uit de oven en laat die besprenkeld met nog wat extra olijfolie op een rooster afkoelen

Reacties